Weg mees!

Het is mooi geweest. Zeven jaar mocht ik mezen uit naam van pakweg 800 leden van WV De Helling. Aan het einde van dit seizoen stopt uw mees er mee. Hij gaat met deeltijdpensioen, rentenieren en nog hier en daar een beetje bijklussen.

Maar waarom dan, zo’n leuke baan! Jij bent er voor geknipt? Dat is ook zo. Het mezen paste me al snel als een oude jas. De onregelmatigheid, zelfstandigheid in werken, de samenwerking met het Stichtingsbestuur en de vrijwilligers, het dienen van het verenigingsbelang. Allemaal leuk. Maar de telefoon die, zeker niet alleen in de drukke zomerweken, van ’s morgens vroeg tot ’s avonds laat af gaat (begin augustus meldde zich zelfs om 22.45 nog een passant), voelde steeds meer als het zwaard van Damocles. Dit jaar rammelde die telefoon als nooit tevoren.

Nog zoiets: al die – overwegend leuke - maar vaak vluchtige contacten in de haven, dat wordt op enig moment ook wel een beetje sleur. Eén of twee nachtjes? “Doe maar één, want morgen gaan we weer verder”, krijg je dan als antwoord. Ja duuhhhh! Natuurlijk ga je morgen verder, want anders had je wel twee nachtjes geboekt! “Hier de wifi-code, daar de code van de voordeur, douchen kost vijftig eurocent, de wisselautomaat hangt (hing) in het halletje”, reutelde vele malen uit mijn mond. En hoe vaak kreeg ik niet de vraag ‘alles onder controle mees?’. Nee, ik maak er vandaag een zooitje van, flapte dan uit mijn mond. Want zelf ben ik natuurlijk net zo voorspelbaar als de rest!

Uw mees kreeg de afgelopen zeven jaar vele betitelingen naar het hoofd. Natuurlijk was hij een klootzak in de ogen van sommigen. Heel soms zelfs een grote. Er was zelfs een omaatje-in-badjas dat haar zonen wel eens even op me af zou sturen. Anderen noemden me, meestal met een brede smile, kassameisje, toiletjuffrouw, kampbaas, badmeester of zelfs kleuteroppas. Onlangs werd ik gezien als de rentmeester van het terrein.

Velen noemden me plagerig Mijnheer de Havenmeester, de enige benaming waar ik echt hekel aan had. Gelukkig was ik voor veruit de meesten gewoon Mees of Ad en ervaarde ik vooral waardering. Daarvoor dank, het was overwegend fijn om de circa 800 ‘bazen’ van de vereniging op mijn manier te mogen dienen!

Wat ook een rol speelt bij mijn vroegtijdige deeltijdpensionering is dat uw mees de afgelopen twee jaar meer dan hem lief was werd geconfronteerd met allerlei dood & verderf in zijn naaste omgeving. Maar ook onder al die ouwe knarren in de haven. Dit heeft me steeds meer ten volle doen beseffen dat elke dag de laatste kan zijn. Zeker nu ook de ‘coronaatjes’ ons om de oren vliegen. Zelf ben ik nog zo gezond als een vis. Dus als ik weer wat vaker wil gaan zeekajakken, waar ik de afgelopen zeven jaar amper aan toe kwam, dan moet ik nu de koers verleggen. Nu het nog kan.

En het kan! De ‘rijkelijk’ gevulde pensioen- en andere spaarpotten van uw mees gaan op 1 januari open. Nog 3,5 jaar en dan gaat Vadertje Drees meebetalen aan het levensonderhoud. En tot die tijd moet het volgens eigen berekening allemaal uit kunnen. En zo niet, dan zoek ik gewoon weer een ander baantje. Dan maak ik misschien wel een comeback als ouwe hulpmees!

Back to top